ADR details voor UN3481 (ADR 2027)
Wat in ADR 2027 anders is dan in ADR 2025, is geel gemarkeerd. Nederlandse benamingen van nieuwe en gewijzigde regels zijn voorlopig; de officiele vertaling verschijnt op 1 juli 2027. Alle wijzigingen van ADR 2027.
Wat verandert er voor UN 3481 in ADR 2027?
ADR 2027 geldt vanaf 1 januari 2027. Tot en met 30 juni 2027 mag u nog volgens ADR 2025 werken (ADR 1.6.1.1).
| Kolom van Tabel A | ADR 2025 | ADR 2027 |
|---|---|---|
| Bijzondere bepalingen (6) toegevoegd | 188 230 310 348 360 376 377 387 390 670 677 | 188 230 310 348 360 376 377 387 390 670 677 680 410 |
Bron: ADR 2027 getoetst aan het officiele wijzigingsdocument ECE/TRANS/WP.15/274. Bewerkt en vertaald door Jolmers. De officiele Nederlandse vertaling van ADR 2027 verschijnt pas op 1 juli 2027; tot die tijd zijn de Nederlandse benamingen voorlopig.
Meer over dit onderwerp
Deze UN-positie is gekoppeld aan relevante thematische ADR-informatie en e-learning.
LITHIUM-ION-BATTERIJEN IN APPARATUUR of LITHIUM- ION-BATTERIJEN VERPAKT MET APPARATUUR (met inbegrip van lithium-ion-polymeer-batterijen)
Op het vervoersdocument: UN 3481 LITHIUM-ION-BATTERIJEN IN APPARATUUR
of, als dat beter past: LITHIUM- ION-BATTERIJEN VERPAKT MET APPARATUUR (ADR 3.1.2.2)
| 3481 |
| UN-nummer | 3481 |
| Benaming en beschrijving | LITHIUM-ION-BATTERIJEN IN APPARATUUR of LITHIUM- ION-BATTERIJEN VERPAKT MET APPARATUUR (met inbegrip van lithium-ion-polymeer-batterijen) |
| Engelse benaming | LITHIUM ION BATTERIES CONTAINED IN EQUIPMENT or LITHIUM ION BATTERIES PACKED WITH EQUIPMENT (including lithium ion polymer batteries) |
| Duitse benaming | LITHIUM-IONEN-BATTERIEN IN AUSRÜSTUNGEN (einschliesslich Lithium-Ionen-Polymer-Batterien) oder LITHIUM-IONEN-BATTERIEN, MIT AUSRÜSTUNGEN VERPACKT (einschliesslich Lithium-Ionen-Polymer-Batterien) |
| Franse benaming | PILES AU LITHIUM IONIQUE CONTENUES DANS UN ÉQUIPEMENT ou PILES AU LITHIUM IONIQUE EMBALLÉES AVEC UN ÉQUIPEMENT (y compris les piles au lithium ionique à membrane polymère) |
| Klasse | 9 |
| Classificatiecode | M4 |
| Verpakkingsgroep | |
| Etiket(ten) | 9A |
| Bijzondere bepaling(en) | 188 , 230 , 310 , 348 , 360 , 376 , 377 , 387 , 390 , 670 , 677 , 680 , 410 |
Bijzondere bepaling 188Ten vervoer aangeboden cellen en batterijen zijn niet onderworpen aan andere voorschriften van het ADR, indien zij voldoen aan de volgende voorschriften: a) het lithiumgehalte mag voor een metallisch lithium of lithiumlegering bevattende cel ten hoogste 1 g bedragen, en voor een cel met lithiumionen of natriumionen mag de energie-inhoud in watt-uur niet meer bedragen dan 20 Wh; Opmerking: Wanneer lithiumbatterijen conform 2.2.9.1.7.1 f) overeenkomstig deze bijzondere bepaling worden vervoerd, mag het totale lithiumgehalte van alle metallisch lithium bevattende cellen in de batterij ten hoogste 1,5 g bedragen en het totale vermogen van alle lithium-ion-cellen in de batterij mag ten hoogste 10 Wh bedragen (zie bijzondere bepaling 387). b) het lithiumgehalte mag voor een metallisch lithium of lithiumlegering bevattende batterij ten hoogste 2 g bedragen en voor een batterij met lithiumionen of natriumionen mag de energie-inhoud in watt-uur niet meer bedragen dan 100 Wh. Lithium-ion-batterijen onderworpen aan deze bepaling moeten op de buitenmantel gemerkt zijn met de energie-inhoud in watt-uur, behalve lithium-ion batterijen welke vóór 1 januari 2009 vervaardigd zijn; Opmerking: Wanneer lithiumbatterijen conform 2.2.9.1.7.1 f) overeenkomstig deze bijzondere bepaling worden vervoerd, mag het totale lithiumgehalte van alle metallisch lithium bevattende cellen in de batterij ten hoogste 1,5 g bedragen en het totale vermogen van alle lithium-ion-cellen in de batterij mag ten hoogste 10 Wh bedragen (zie bijzondere bepaling 387). c) elke lithium cel of batterij voldoet aan de voorschriften van 2.2.9.1.7.1 a), e), f), naar gelang van toepassing, en g) of voor natrium-ion-cellen of -batterijen zijn de voorschriften van 2.2.9.1.7.2, onder a), e) en f), van toepassing; d) Cellen en batterijen moeten, behalve indien zij in apparatuur zijn ingebouwd, worden verpakt in binnenverpakkingen, die de cel of de batterij volledig insluiten. Cellen en batterijen moeten zodanig zijn beschermd dat kortsluitingen worden voorkomen. Dit omvat bescherming tegen contact met elektrisch geleidende materialen binnen dezelfde verpakking, dat tot kortsluiting zou kunnen leiden. De binnenverpakkingen moeten in sterke buitenverpakkingen zijn verpakt, die overeenkomen met de bepalingen van 4.1.1.1, 4.1.1.2 en 4.1.1.5; e) Cellen en batterijen moeten indien zij in apparatuur zijn ingebouwd, zijn beschermd tegen beschadiging en kortsluiting, en de apparatuur moet met effectieve middelen zijn uitgerust om een onbedoelde activering te voorkomen. Dit voorschrift is niet van toepassing op inrichtingen die bedoeld werkzaam zijn tijdens het vervoer (radiofrequentie-identificatie (RFID)-zendapparaten, horloges, sensoren, enz.) en die niet in staat zijn om een gevaarlijke warmteontwikkeling te doen ontstaan. Indien batterijen in apparatuur zijn ingebouwd, moet de apparatuur in sterke buitenverpakkingen zijn verpakt die van een geschikt materiaal zijn vervaardigd van voldoende sterkte en ontwerp in relatie tot de inhoud van de verpakking en het gebruik waarvoor deze bestemd is, tenzij er een gelijkwaardige bescherming van de batterij wordt geboden door de apparatuur waarin deze zich bevindt; f) Elk collo moet met de passende merktekens voor batterijen zijn gekenmerkt, zoals getoond in 5.2.1.9. Dit voorschrift is niet van toepassing op: i) colli die alleen knoopcelbatterijen bevatten, ingebouwd in apparatuur (met inbegrip van printplaten); en ii) colli die niet meer dan vier cellen ingebouwd in apparatuur of niet meer dan twee batterijen ingebouwd in apparatuur bevatten, waarbij de zending ten hoogste twee colli bevat; Indien colli worden geplaatst in een oververpakking, moeten de merktekens voor batterijen ofwel duidelijk zichtbaar zijn, dan wel worden gereproduceerd op de buitenzijde van de oververpakking. Bovendien moet de oververpakking zijn voorzien van het woord "OVERVERPAKKING". De hoogte van de letters van het woord "OVERVERPAKKING" bedraagt ten minste 12 mm. Opmerking: Colli die merktekens voor batterijen bevatten, verpakt overeenkomstig de voorschriften van deel 4, hoofdstuk 11, verpakkingsinstructies 965 of 968, sectie IB van de Technische Instructies van de ICAO, en voorzien van het kenmerk zoals afgebeeld in 5.2.1.9 (kenmerk van lithiumbatterij) en het etiket getoond in 5.2.2.2.2, model Nr. 9A, worden geacht te voldoen aan de voorwaarden van deze bijzondere bepaling. g) Behalve indien cellen of batterijen zijn ingebouwd in apparatuur, moet elk collo in staat zijn een valproef van een hoogte van 1,2 m in elke oriëntatierichting te doorstaan zonder beschadiging van de cellen of batterijen die zich daarin bevinden, zonder verschuiven van de inhoud zodat de batterijen (of cellen) onderling in contact komen en zonder vrijkomen van de inhoud; en h) Behalve indien cellen of batterijen ingebouwd zijn in of verpakt met apparatuur, mag de bruto massa van de colli 30 kg niet overschrijden. Het hierboven en elders in het ADR gebruikte begrip "lithiumgehalte" betekent de massa van het lithium in de anode van een cel met metallisch lithium of lithiumlegering. Onder "apparatuur" zoals gebruikt in deze bijzondere bepaling, worden apparaten verstaan die werken op de energie die door de lithiumcellen of -batterijen wordt geleverd. Er bestaan aparte posities voor batterijen met metallisch lithium en lithium-ion-batterijen om het vervoer van deze batterijen voor bepaalde vervoersmodaliteiten te vergemakkelijken en de toepassing van verschillende noodmaatregelen mogelijk te maken. Een uit één cel bestaande batterij zoals omschreven in het Handboek beproevingen en criteria, deel III, subsectie 38.3.2.3 wordt beschouwd als een “cel” en moet worden vervoerd overeenkomstig de vereisten voor “cellen” voor de toepassing van deze bijzondere bepaling. Bijzondere bepaling 230Lithiumcellen en -batterijen mogen, ingedeeld in deze positie, worden vervoerd, indien zij voldoen aan de voorschriften van 2.2.9.1.7.1.. Natrium-ion-cellen en -batterijen mogen, ingedeeld in deze positie, worden vervoerd, indien zij voldoen aan de voorschriften 2.2.9.1.7.2.. Bijzondere bepaling 310Vervoer van prototypen van cellen of batterijen uit productieseries bestaande uit niet meer dan 100 cellen of batterijen, of pre-productieprototypen van cellen of batterijen voor beproeving, moet voldoen aan de voorschriften van 2.2.9.1.7.1, met uitzondering van a), e) vii), f) iii) indien van toepassing, f) iv) indien van toepassing en g). Opmerking: Vervoerd ten behoeve van beproeving” omvat, maar is niet beperkt tot, beproeving zoals beschreven in het Handboek beproevingen en criteria, deel III, subsectie 38.3, integratiebeproeving en productprestatiebeproeving. Deze cellen en batterijen moeten worden verpakt in overeenstemming met verpakkingsinstructie P910 van 4.1.4.1 of LP905 van 4.1.4.3, naar gelang het geval. Voorwerpen (UN-nummers 3537, 3538, 3540, 3541, 3546, 3547 of 3548) mogen dergelijke cellen of batterijen bevatten, mits wordt voldaan aan de van toepassing zijnde delen van verpakkingsinstructie P006 van 4.1.4.1 of LP03 van 4.1.4.3, naar gelang het geval. De volgende verklaring moet in het vervoersdocument worden vermeld: “Transport overeenkomstig bijzondere bepaling 310”. Beschadigde of defecte cellen en batterijen, of cellen en batterijen aanwezig in apparaten moeten worden vervoerd overeenkomstig bijzondere bepaling 376. Cellen en batterijen, of cellen en batterijen aanwezig in apparaten die worden vervoerd voor verwijdering of recyclering mogen worden verpakt overeenkomstig bijzondere bepaling 377 en verpakkingsinstructie P909 van 4.1.4.1. Bijzondere bepaling 348Lithiumbatterijen die vervaardigd zijn na 31 december 2011 en natrium-ion-batterijen die vervaardigd zijn na 31 december 2025 moeten worden gekenmerkt met het vermogen in Watt-uur op het buitenomhulsel. Bijzondere bepaling 360Voertuigen die uitsluitend door batterijen met metallisch lithium, lithium-ion-batterijen of natrium-ion-batterijen worden aangedreven, moeten worden toegewezen aan positie UN 3556 VOERTUIG, DOOR LITHIUM-ION-BATTERIJ AANGEDREVEN of UN 3557 VOERTUIG, DOOR BATTERIJEN MET METALLISCH LITHIUM AANGEDREVEN of UN 3558 VOERTUIG, DOOR NATRIUM-ION-BATTERIJ AANGEDREVEN, naar gelang van het geval. Lithium batterijen die zijn aangebracht in een laadeenheid, en die uitsluitend bedoeld zijn om stroom te leveren buiten de laadeenheid moeten worden toegewezen aan positie UN 3536 LITHIUMATTERIJEN INGEBOUWD IN LAADEENHEID, lithium-ion batterijen of batterijen van metallisch lithium. Bijzondere bepaling 376Cellen of batterijen met metallisch lithium, lithiumionen of natriumionen en die zijn aangemerkt als dermate beschadigd of defect dat zij niet meer overeenstemmen met het type dat is beproefd conform de van toepassing zijnde bepalingen van het Handboek beproevingen en criteria moeten voldoen aan de voorschriften van deze bijzondere bepaling. De voorschriften van deze bijzondere bepaling omvatten, maar zijn niet beperkt tot: a) cellen of batterijen waarbij gebreken zijn vastgesteld die van invloed zijn op de veiligheid; b) cellen of batterijen die hebben gelekt of waaruit gas is ontsnapt; c) cellen of batterijen waarvan de aard niet voorafgaande aan het vervoer kan worden vastgesteld; of d) cellen of batterijen die fysieke of mechanische schade hebben doorstaan. Opmerking: Bij het beoordelen of een batterij beschadigd of defect is, moet de beoordeling of evaluatie worden gebaseerd op de veiligheidscriteria van de cel, de batterij of van de fabrikant, of door een technische deskundige met kennis van de veiligheidseigenschappen van batterij of cel. Een beoordeling of evaluatie kan de volgende criteria omvatten, maar is niet beperkt tot: a) Acuut gevaar, zoals gas, brand of lekkage van elektrolyt; b) het gebruik of misbruik van de cel of de batterij; c) tekenen van fysieke schade, zoals vervorming van het omhulsel van de cel of de batterij of verkleuring van het omhulsel; d) externe en interne bescherming tegen kortsluiting, zoals voltage-of isolatiemaatregelen; e) de toestand van de veiligheidsvoorzieningen van de cel of de batterij; f) schade aan interne veiligheidscomponenten, zoals het batterij management systeem. Cellen en batterijen moeten worden vervoerd in overeenstemming met de bepalingen die van toepassing zijn op de UN-nummers 3090, 3091, 3480, 3481, UN 3551 en UN 3552, naar gelang het geval, met uitzondering van bijzondere bepaling 230 en tenzij anderszins vermeld in deze bijzondere bepaling. Cellen en batterijen moeten worden verpakt volgens verpakkingsinstructie P908 van 4.1.4.1 of LP904 van 4.1.4.3, naar gelang van toepassing. Cellen en batterijen waarvan wordt vastgesteld dat ze beschadigd of defect zijn en snel uiteen kunnen vallen, gevaarlijk kunnen reageren, een vlam dan wel een gevaarlijke hitte-ontwikkeling of een gevaarlijke uitstoot van giftige, bijtende of brandbare gassen of dampen kunnen veroorzaken onder normale vervoersomstandigheden, worden verpakt en vervoerd volgens verpakkingsinstructie P 911 van 4.1.4.1 of LP 906 van 4.1.4.3, al naar gelang van toepassing. Alternatieve verpakkings-en/of vervoersomstandigheden kunnen worden goedgekeurd door de bevoegde autoriteit van elke Overeenkomstsluitende Partij bij het ADR, die ook een goedkeuring kan erkennen die verleend is door de bevoegde autoriteit van een land dat geen Overeenkomstsluitende Partij bij het ADR is, op voorwaarde dat deze goedkeuring is verleend in overeenstemming met de toepasselijke procedures in het kader van het RID, ADR, ADN, de IMDG Code of de Technische Instructies van de ICAO. Op de colli moet de vermelding “BESCHADIGDE/DEFECTE LITHIUM-ION-BATTERIJEN”, “BESCHADIGDE/DEFECTE BATTERIJEN MET METALLISCH LITHIUM METAL of BESCHADIGDE/DEFECTE NATRIUM-ION-BATTERIJEN” worden aangebracht, naar gelang van toepassing. De volgende verklaring moet in het vervoersdocument worden vermeld: “Vervoer overeenkomstig bijzondere bepaling 376”. Indien van toepassing moet bij het vervoer een kopie van de goedkeuring van de bevoegde autoriteit aanwezig zijn. Bijzondere bepaling 377Cellen en batterijen die metallisch lithium, lithiumionen en natriumionen bevatten en apparatuur die dergelijke cellen en batterijen bevat die worden vervoerd om te worden vernietigd of gerecycled, al dan niet tezamen met niet-lithiumbatterijen verpakt, mogen worden verpakt in overeenstemming met verpakkingsinstructie P909 van 4.1.4.1. Deze cellen en batterijen zijn niet onderworpen aan de voorschriften van 2.2.9.1.7.1, onder a) tot en met g), of 2.2.9.1.7.2, onder a) tot en met f), naar gelang van het geval. Op de colli moet de vermelding "LITHIUMBATTERIJEN TER VERWIJDERING", NATRIUM-ION-BATTERIJEN TER VERWIJDERING, "LITHIUMBATTERIJEN TER RECYCLING" of NATRIUM-ION-BATTERIJEN TER RECYCLING”, naar gelang van het geval, worden aangebracht. Batterijen waarvan is vastgesteld dat zij beschadigd of defect zijn, moeten worden vervoerd in overeenstemming met bijzondere bepaling 376. Bijzondere bepaling 387Lithiumbatterijen overeenkomstig 2.2.9.1.7.1 f) met zowel primaire cellen van metallisch lithium als oplaadbare lithium-ion-cellen vallen onder de UN-nummers 3090 of 3091, naar gelang het geval. Bij vervoer van dergelijke batterijen overeenkomstig bijzondere bepaling 188 bedraagt het totale lithiumgehalte van alle cellen van metallisch lithium in de batterij ten hoogste 1,5 g en het totale vermogen van alle lithium-ion-cellen in de batterij mag ten hoogste 10 Wh bedragen. Bijzondere bepaling 390Wanneer een collo een combinatie bevat van lithium batterijen die in apparatuur zijn gemonteerd of die samen met apparatuur zijn verpakt, dan moet voor wat betreft de eisen aan verpakking, markering en documentatie zijn voldaan: a) het collo moet zijn gemarkeerd als “UN 3091” of “UN 3481”, al naar gelang toepasselijk is. Als het collo zowel lithium ion als metallische lithium batterijen bevat, verpakt met of deel uitmakend van apparatuur, dan moet het collo worden gemarkeerd zoals is voorgeschreven voor beide soorten batterijen. Dit geldt niet voor knoopcellen die zijn geïnstalleerd in apparaten (inclusief moederborden). b) op het transportdocument moet worden vermeld: “UN 3091 BATTERIJEN METALLISCH LITHIUM IN APPARATUUR of UN 3481 LITHIUM-ION BATTERIJEN IN APPARATUUR al naar gelang wat toepasselijk is. Als de collo zowel metallische lithium batterijen als lithium ion batterijen bevat verpakt met of deel uitmakend van apparatuur dan moeten op het transportdocument beide bovengenoemde posities worden vermeld. Bijzondere bepaling 670a) In apparatuur van huishoudens geplaatste lithiumcellen en -batterijen en natrium-ion-cellen en -batterijen die zijn ingezameld en aangeboden ten vervoer voor depollutie, ontmanteling, recycling of verwijdering, zijn niet onderworpen aan de andere bepalingen van het ADR, met inbegrip van bijzondere bepaling 376 en 2.2.9.1.7.1 en 2.2.9.1.7.2, wanneer: i) ze niet de hoofdvoedingsbron vormen voor het functioneren van de apparatuur waarin ze zich bevinden; ii) de apparatuur waarin ze zich bevinden, geen andere lithiumcel of -batterij of natrium-ion-cel of -batterij bevat die als hoofdvoedingsbron wordt gebruikt; en iii) ze door de apparatuur waarin ze zich bevinden, worden beschermd. Voorbeelden van cellen en batterijen die onder deze paragraaf vallen, zijn knoopcellen die worden gebruikt voor de integriteit van de gegevens in huishoudelijke apparatuur (bijv. koelkasten, wasmachines, vaatwassers) of in andere elektrische of elektronische apparaten; b) Lithiumcellen en -batterijen en natrium-ion-cellen en -batterijen in apparaten van particuliere huishoudens die niet aan de bepalingen onder a) voldoen, en die zijn ingezameld en aangeboden ten vervoer voor depollutie, ontmanteling, recycling of verwijdering, zijn tot aan de inrichting voor tussenverwerking niet onderworpen aan de andere bepalingen van het ADR, met inbegrip van bijzondere bepaling 376 en 2.2.9.1.7.1 en 2.2.9.1.7.2, indien aan de volgende voorwaarden is voldaan: i) de apparatuur is verpakt volgens verpakkingsinstructie P 909 van 4.1.4.1, uitgezonderd de aanvullende voorschriften 1 en 2, of is verpakt in een stevige buitenverpakking, bijv. speciaal ontworpen inzamelrecipiënten, die aan de volgende voorschriften voldoet: - de verpakkingen zijn van geschikt materiaal vervaardigd en van voldoende sterkte en ontwerp in relatie tot de inhoud van de verpakking en het gebruik waarvoor deze bestemd is. De verpakkingen hoeven niet te voldoen aan de voorschriften van 4.1.1.3; - er moeten passende maatregelen worden getroffen om bij het vullen en behandelen van de verpakking schade aan de apparatuur te minimaliseren, bijvoorbeeld door gebruik van rubbermatten; en - de verpakkingen moeten op zodanige wijze zijn vervaardigd en gesloten, bijv. door middel van deksels, stevige binnenzakken, transporthoezen, dat elk verlies van de inhoud tijdens het vervoer is uitgesloten. Vulopeningen moeten zodanig zijn vervaardigd dat verlies van de inhoud wordt voorkomen; ii) er bestaat een kwaliteitsborgingsysteem om te waarborgen dat de totale hoeveelheid lithiumcellen en -batterijen en natrium-ion-cellen en -batterijen per transporteenheid 333 kg niet overschrijdt; Opmerking: De totale hoeveelheid lithiumcellen en -batterijen en natrium-ion-cellen en -batterijen in apparatuur van particuliere huishoudens mag worden vastgesteld door middel van een in het kwaliteitsborgingsysteem opgenomen statistische methode. Op verzoek wordt een kopie van de kwaliteitsborginggegevens aan de bevoegde autoriteiten verstrekt. iii) Colli worden voorzien van het kenmerk “LITHIUMBATTERIJEN TER VERWIJDERING”, “LITHIUMBATTERIJEN TER RECYCLING”, “NATRIUM-ION-BATTERIJEN TER VERWIJDERING” of “NATRIUM-ION-BATTERIJEN TER RECYCLING”, naar gelang van het geval. Indien apparatuur met daarin lithiumcellen of -batterijen of natrium-ion-cellen of -batterijen onverpakt wordt vervoerd of op pallets overeenkomstig verpakkingsinstructie P 909 (3) van 4.1.4.1, kan dit kenmerk ook op het uitwendig oppervlak van de wagens of grote containers worden aangebracht). Opmerking: Onder “apparatuur van particuliere huishoudens” verstaat men apparatuur die afkomstig is van particuliere huishoudens en van commerciële, industriële, institutionele en andere bronnen en die naar aard en hoeveelheid met die van particuliere huishoudens vergelijkbaar is. Apparatuur die waarschijnlijk door zowel particuliere huishoudens als gebruikers anders dan particuliere huishoudens wordt gebruikt, wordt in ieder geval als apparatuur van particuliere huishoudens beschouwd. Bijzondere bepaling 677Cellen en batterijen die in overeenstemming met bijzondere bepaling 376, zijn aangemerkt als beschadigd of defect en snel uiteen kunnen vallen, gevaarlijk reageren, een vlam dan wel een gevaarlijke hitte-ontwikkeling of een gevaarlijke uitstoot van giftige, bijtende of brandbare gassen of dampen veroorzaken onder normale vervoersomstandigheden moeten worden ingedeeld in vervoerscategorie 0. In het transportdocument moeten de woorden 'Vervoer in overeenstemming met bijzondere bepaling 367' worden aangevuld met de woorden 'Vervoerscategorie 0'. |
|
| Gelimiteerde hoeveelheden (LQ) | 0 |
| Vrijgestelde hoeveelheden | E0 |
| Verpakkingsinstructies | P903, P908, P909, P910, P911, LP903, LP904, LP905, LP906 |
| Bijzondere bepalingen voor verpakkingen | |
| Gezamenlijke verpakking | |
| Instructies voor transporttanks | |
| Bzb voor transporttanks | |
| Tankcode | |
| Bijzondere bepalingen tanks | |
| Voertuig voor tankvervoer | |
| Vervoerscategorie | 2 |
| Tunnelcode | (E) |
| Bzb voor stukgoed vervoer | |
| Bzb voor losgestort vervoer | |
| Bzb bij laden en lossen | |
| Bzb voor het bedrijf | |
| Gevaarsidentificatie nummer | |
Zoek op stofnaam
Vul een deel van een stofnaam in en klik op de gewenste stof om alle gegevens te bekijken, inclusief UN-nummer, klasse, tunnelcode en bijzondere bepalingen.
Fout op het vervoersdocument (UN-nummer, vervoersnaam, etiket of verpakkingsgroep): boete € 1.900 per betrokken partij volgens de OM-richtlijn 2024R010. Alle ADR-boetes en de handhaving door de ILT
Lithium versturen? Gebruik onze speciale Lithium-tool
Mag dit pakket mee? Valt het onder bijzondere bepaling 188? Welke kenmerking hoort erop, en wat doet u met een accu die beschadigd is? De lithiumwegwijzer stelt u een paar vragen en laat zien welke regels op úw zending van toepassing zijn - ook als u accu's opslaat in plaats van verstuurt.
Gratis, zonder aanmelden, in een paar minuten.
Werkt u met deze stof? Denk aan de ADR 1.3 opleiding
Onder de 1000 punten van ADR 1.1.3.6 vervalt het chauffeursdiploma, maar de opleidingsplicht van ADR hoofdstuk 1.3 blijft gewoon gelden. Die geldt niet alleen voor de chauffeur, maar voor iedereen die betrokken is bij het vervoer van gevaarlijke goederen: verpakken, laden, lossen, classificeren en het opmaken van de vrachtbrief.
Deze training volgt u online op adr-awareness.nl: op eigen tempo, zonder cursusdag, met een certificaat op naam waarmee u bij een inspectie kunt aantonen dat uw medewerkers zijn opgeleid. Schrijft u meerdere collega's tegelijk in, dan geldt een staffelkorting via 1136.nl.
ADR 1.3 opleiding online volgen Wanneer is ADR 1.3 verplicht?